Nieuws

Westen klaar om Syrië verder in chaos te storten


p13_verhofstadt_01

Selim Idriss (met camouflagepak), de stafchef van het Vrije Syrische Leger, mocht op uitnodiging van Guy Verhofstadt (met das), de fractievoorzitter van Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa, in het Europees Parlement een warme oproep komen doen om zijn rebellenleger meer wapens te bezorgen. (Foto: ALDEADLE / Flickr)

Artikel door Paul Vanden Bavière, hoofdredacteur van Uitpers

SOLIDAIR – 11 maart 2013 – Guy Verhofstadt nodigde de militaire leider van het Syrische rebellenleger in het Europees Parlement uit om te pleiten voor meer wapentuig. Diezelfde rebellen gijzelden eerder 20 VN-blauwhelmen op de Syrische Golanhoogte. En de vluchtelingenstroom uit Syrisch oorlogsgebied, die blijft maar toenemen. Paul Vanden Bavière, journalist bij Uitpers, schetste voor Solidair het bredere plaatje.

Zowel de Verenigde Staten als de Europese Unie hebben hun wapenembargo tegen Syrië “deels” opgeschort om “niet-dodelijk” zwaar materiaal, zoals pantserwagens te kunnen leveren aan de rebellen in Syrië. Tevens drijven de VS en een aantal Europese landen hun programma’s voor training van de rebellen in onder meer Turkije en Jordanië op. Het wijst erop dat het Westen alles op alles zet om Syrië te veroveren.

Dat opent dan de weg naar de uitschakeling van Hezbollah in Libanon. Waarna alleen Iran nog moet worden klein gekregen onder het voorwendsel dat het een kernwapenprogramma zou hebben. Als dat lukt zou het project van president George W. Bush voor een “Groot Midden-Oosten” om dat gebied, met zijn olie en gas, weer helemaal onder westerse controle te krijgen, grotendeels zijn gerealiseerd. Dit project werd gelanceerd in mei 2004, één jaar nadat de Amerikanen Irak hadden veroverd. Sindsdien ging ook Libië voor de bijl. Het ziet ernaar uit dat nu Syrië aan de beurt is.

Tot halfweg februari hadden de VS en de Europese Unie zich nog terughoudend opgesteld. Op 18 februari verlengde de EU haar wapenembargo officieel met drie maanden, een embargo dat inmiddels werd verbroken nadat ook president Obama zijn eerder verzet tegen bewapening van de Syrische opstandelingen had opgegeven.

Jihadisten

De redenen voor de weigerachtige houding van de VS en de EU waren gelijklopend. De vrees bestond, zo heette het, dat de wapens in de “verkeerde” handen zouden kunnen vallen – lees: van islamitische jihadisten, zoals Jabhat-al Nusra, die met geweld de invoering van een streng islamitisch emiraat willen realiseren in Syrië. Ook was men er niet zeker van dat de “gematigde” Syrische gewapende oppositie de extremisten de baas zou kunnen. Zoals dat het geval was in het noorden van Mali.

Nu Obama herkozen is en zijn nieuwe regering is samengesteld, lijken die argumenten van geen tel meer. Overigens leveren de VS en EU-landen ondanks hun embargo’s al langer niet-dodelijke militaire hulp. Maar ook dodelijk materiaal – dat gebeurt dan via derde landen. The New York Times publiceerde onlangs een artikel waarin wordt gezegd dat Kroatië infanteriewapens leverde via Saoedi-Arabië. Openlijke zendingen van dodelijke wapens zitten ondertussen al in de pijplijn. De voorzet daartoe werd gegeven door minister van Buitenlandse Zaken John Kerry tijdens een bezoek aan Saoedi-Arabië, waar hij pleitte voor de bewapening van de “gematigde, rechtmatige oppositie”.

Luchtdekking

Het Westen heeft de rebellen nooit ernstig aangespoord naar een oplossing via onderhandelingen te streven. Het wees eerder al echte onderhandelingen in andere conflicten af: met Irak, in de Balkan, in Libië en nu in Syrië.

Militair gezien is daar al sedert 2011 een westerse escalatie aan de gang, en bereidde men de publieke opinie zachtjesaan voor op een open oorlog. Van beperkte leveringen van militair materiaal, over opleiding en militaire inlichtingen tot de installatie eerder dit jaar van Patriot-raketten door Duitsland, Nederland en de VS aan de grens tussen Turkije en Syrië. Zo is het materiaal al ter plekke om een “veilige zone” te creëren om een nog niet formeel uitgevaardigd vliegverbod tegen de Syrische luchtmacht kracht bij te zetten en de rebellen in Syrië te “beschermen” en luchtdekking te geven. Alles is in gereedheid gebracht om de rebellen grotere offensieven te laten lanceren. Het Westen kan zich dan aansluiten door, zoals in Libië, op te treden als luchtmacht van de opstandelingen.

Hopeloos verdeeld

Dit mooie plan voor Syrië roept wel wat vraagtekens op. Het probleem is de Syrische oppositie zelf, die hopeloos verdeeld blijft en geen project heeft. De Syrische verzetscoalitie, de Syrische Nationale Raad, kreeg half november op een bijeenkomst in Qatar een nieuwe naam, Syrische Nationale Coalitie, en een nieuwe voorzitter. Vier maanden later is de Coalitie, die in Syrië zelf vrijwel geen aanhang heeft – wat ook het Westen toegeeft – er nog altijd niet in geslaagd een voorlopige regering samen te stellen.

Zelfs de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Laurent Fabius, liet op de bijeenkomst van de “Vrienden van Syrië” in Parijs eind januari de moed zakken. Hij zei dat als de Syrische staat en maatschappij uiteenvallen de islamisten terrein zullen winnen. Tevens sprak hij de vrees uit dat de toestand zou kunnen degenereren tot een confrontatie van milities onderling. Eerder had hij al verklaard dat de val van het regime in Damascus nog niet in het verschiet ligt, dat terwijl we al bijna twee jaar dagelijks horen dat het regime elke dag nieuwe zware klappen krijgt en de instorting nabij is.1

Beide partijen, verzet en regering, boeken op het terrein hier en daar successen en lijden hier en daar verliezen. Het begint op de frontenoorlog van de Eerste Wereldoorlog te lijken. President Bashar al-Assad verklaarde eind januari dat het Syrische leger op het terrein opnieuw het initiatief heeft genomen. Dat is misschien wat overdreven optimistisch, maar met wapens en steun uit Iran en Rusland, ziet het ernaar uit dat een geregeld leger meer kans heeft een patstelling te doorbreken dan een verdeelde oppositie.

Gebrek aan visie

Dat de oppositie een gebrek aan visie heeft en zich tot het Westen richt blijkt ook uit de verklaringen van enkele dissidenten. Zoals generaal Manaf Tlass, een goede vriend van president Bashar al-Assad, die in juli brak met het regime en zich in Parijs vestigde. De generaal verklaarde aan Le Monde2 dat hij van de “internationale gemeenschap” een project vraagt om Syrië te beschermen. En Basma Kodmani, een Syrische academica in Frankrijk, verzucht: “Als de internationale gemeenschap een precies project had, zou het voor ons veel gemakkelijker zijn om ons te organiseren”.3

Dit gebrek aan visie weerhoudt het Westen niet van zijn doelstelling. Een maatschappij vernietigen en in chaos storten – zoals in Irak en Libië gebeurde – is ook een manier om ze te controleren.

Paul Vanden Bavière.

Bron: Solidair.

* Link:

EUTV: Rebellenbaas Syrië op koffie bij Verhofstadt

1 Le Monde, 30 januari 2013: La dynamique de l’opposition syrienne semble s’essoufler, door Benjamin Barthe.
2 Le Monde, 26 januari 2013: Syrie: “Si le chaos fait tomber Bachar, le chaos régnera après”, door Benjamin Barthe.
3 idem

Advertenties

Reacties

Nog geen reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Twitter

Archief

%d bloggers liken dit: