Nieuws

Soennitische pro-overheidsmilities trotseren het sektarische verhaal in Aleppo


Smoke rises at the Karaj al-Hajez crossing, a passageway separating Aleppo's Bustan al-Qasr, which is under the rebels' control and Al-Masharqa neighbourhood, an area controlled by the regime

Rook stijgt op nabij het Karaj al-Hajez kruispunt, een doorgang tussen Aleppo’s Bustan al-Qasr – in handen van de rebellen – en al-Masharqa – onder controle van de overheid – op 13 maart 2014. (Foto: Reuters/Sultan Ketaz)

AL MONITOR – ALEPPO (Syrië) – 14 maart 2014 – Deze maand markeert drie jaar van opstand die door Syrië heeft geraasd met dood en verderf in het kielzog.  Aleppo heeft 18 maanden van brutaliteiten, verdeeldheid, conflict en leed achter de rug. De stad is nu verdeeld langs zowel territoriale, sociale als politieke breuklijnen.

Het conflict in Syrië heeft verschillende vormen aangenomen nadat het veranderd is van een massabeweging voor politieke verandering in een proxi-burgeroorlog met sektarische ondertoon. Elke regio van dit land, een divers tapijt met ingewikkelde verweven sociale, etnische en religieuze banden gebonden aan de draden van een gedeelde geschiedenis, heeft het conflict op verschillende manieren ervaren.

Aleppo is wellicht uniek in dit opzicht, afwijkend van het standaardmodel omdat het conflict hier de gelaagdheid van de samenleving langs de klas- en clanlijnen volgt, in plaats van de algemene sektarische kloof die het conflict elders schetst. Een groot aantal soennieten van alle achtergronden,  met inbegrip van de werk- en landelijke klassen, vechten samen met het bestuur in milities of als gewillige dienstplichtigen. In andere provincies daarentegen kan de breuk min of meer omschreven worden als langs zuiver confessionele lijnen.

In Aleppo zijn de splitsingen vager. Het is onnodig te zeggen dat het de rebellen – met uitzondering van de buitenlanders die met al Qaida vechten – bestaan uit groepen die zijn samengesteld uit de armere soennieten van het platteland.

De stedelijk structuur van de stad was erg kosmopolitisch en de thuisbasis van een grote minderheid van christelijke, Armeense en Koerdische gemeenschappen, die samen met de welvarende soennitische bourgeoisie de stad in eerste instantie immuun maakte voor de revolutionaire hartstocht, die door grote delen van het land raasde. De meerderheid van het landelijke Aleppo identificeerde zich echter met de bredere opstand, door gedeelde gevoelens van religieuze of economische vervolging door de heersende orde. Deze conclusies komen zeer goed uit, maar ze hebben niet het gewenste antwoord op prangende vragen, noch beschrijven zij nauwkeurig de aard van het conflict op de grond.

Deze breuk tussen soennieten intern lijkt moeilijk te verklaren. Het is makkelijk om te zien hoe de burgerlijke soennieten in de commerciële hoofdstad van Syrië kunnen zien dat hun belangen beter vertegenwoordigd worden door het bestuur, maar hoe kunnen we rekening houden met het feit dat de machtige pro-overheidsmilities die zulke aanzienlijke winsten hebben gemaakt komen uit de minder bevoorrechte soennitische klassen. Wat kan verklaren dat bepaalde soennitische steden en dorpen op het platteland van Aleppo – als Jibreen – hardnekkig pro-bewind zijn, terwijl de meerderheid van de soennieten in landelijk Aleppo zijn verbonden aan de oppositie? Het is gemakkelijk genoeg om te begrijpen waarom de dorpen Nibol en Zahra loyaal zijn aan het bestuur, aangezien ze overwegend sjiitisch zijn, maar het Nayrab Palestijns vluchtelingenkamp is soennitisch, en mannen hebben daar hun eigen militie gevormd, de al-Quds brigades.

Ze vechten samen met andere lokale pro-overheidsmilities, zoals de National Defense Force (nationale verdediging), die ook voornamelijk soennieten zijn uit loyale dorpen en clans, zoals de Berri – waarvan de leider Zeno geëxecuteerd werd in een kogelregen toen rebellen de eerste keer Aleppo bestormden in de zomer van 2012. Zij stonden in de voorhoede toen de rebellen terug naar de luchthaven van Aleppo in Marjeh geduwd werden. Het is ook interessant op te merken dat, net als Nibol en Zahra, het Nayrab vluchtelingenkamp ook belegerd werd door de rebellen tot voor kort. Dit heeft de woede in het kamp enkel verstoord. De meest waarschijnlijke verklaring is een complexe mix van tribale- en clanloyaliteit, evenals een diep geworteld gevoel van nationalisme.

Een andere doorslaggevende factor die de overheersing van de soennitische strijders aan de kant van het bestuur in Aleppo kan verklaren is het decreet uit begin 2013 waardoor dienstplichtigen van Aleppo hun verplichte militaire dienst binnen de stad zelf uit dienden te voeren, bij een loyale militie van hun keuze. De overheid had altijd een mandaat dat dienstplichtigen dienden in regimenten uit de buurt van hun woonplaats, een regel die geen uitzondering kende tot de huidige crisis. Het lijkt goed te hebben afbetaald. In plaats van simpelweg te deserteren hebben veel jonge mensen ervoor gekozen om hun plicht te doen in Aleppo. Ze konden zelfs naar huis gaan ’s nachts en slapen in hun eigen bed, iets wat ongehoord is in het Syrische nationale leger (SNL).

Dit vergrootte de gelederen van regeringsgetrouwe milities zoals de Baath brigades. Daar dienstplicht verrichten werd gezien als ‘makkelijker’ en er werd een hoger salaris betaald; hierdoor werden velen aangetrokken. De Baath brigades, aanvankelijk een kleine strijdende groep die bestaat uit oude Baath-partij loyalisten en leden, zag al snel zijn aantallen en kracht toenemen tot de op één na machtigste eenheid in Aleppo na de elite Republikeinse Garde. Belast met een hoge reputatie en gevoelige militaire taken hebben zij zich meer dan bewezen door onlangs een toonaangevende rol te spelen in de aanval op de oude stad, waar ze ondanks grote verliezen strategische gebieden veroverden.

De Baath brigades was zeker het succesverhaal van deze nieuwe strategie in dienstplicht, maar ook werd de ongelijkheid van het sektarische verhaal in het Syrische conflict met betrekking tot Aleppo sterk verlicht. De Baath brigades waren bijna volledig soennitisch. Niets bewijst dit zo goed als het verhaal van een jonge dienstplichtige genaamd Mahmoud Hamandosh. Hamandosh, 19 jaar, was bekend in de brigades om zijn uitzonderlijke moed op het slagveld. Meer dan eens hij redde zijn kameraden en superieuren nadat ze werden omsingeld.

Hamandosh overleed in januari door een kogel in het hoofd, net toen hij en de Baath brigades in de oude stad waren en het Farafra gebied hadden veroverd. Zijn begrafenis werd bijgewoond door topambtenaren. Het opvallende aspect van Hamandosh is dat hij afkomstig is uit Anadan, een stad net ten noorden van Aleppo en zwaar pro-rebel. Sterker, een van de meest beruchte rebellenkrijgsheren, Ahmad Afash van Ahrar Souria, is afkomstig uit die plek.

Hamandosh was een soenniet, en zijn verhaal is verre van uniek. In de puinhoop die is uitgegroeid tot de zogenaamde ‘Syrische burgeroorlog’ zijn de lijnen van het conflict vaag en slecht gedefinieerd. Zoals vaak het geval is in burgeroorlogen snijdt de divisie in het hart van de samenleving en de familie. Je buurman, je broer of je beste vriend kan degene zijn die de loop van hun geweer naar je keert.

Edward Dark.

Bron: Al Monitor.

Reacties

Nog geen reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Facebook

Twitter

Archief

%d bloggers op de volgende wijze: